dinsdag 15 december 2015

Sloganman, Cman




Na de tweede poging had hij de wereldtitel te pakken.

Ze bouwde dat record op in geen tijd.

Waarom doen deze tekstadvertenties op de tv-pagina’s van de krant je zowaar naar spul verlangen? 

Omdat ze je precies vertellen waarom je vanavond op Canvas moet afstemmen als je gevoelig bent voor onversneden dramatiek. Omdat epo en doping hier worden aangetroffen waar het spul wérkt: in de kern van de boodschap zelf. En omdat je natuurlijk wil weten over welke wereldtitel en welk record het straks in Spul gaat.

Prachtig, vind Sloganman.

Ooit werkte hij voor een chocomelkmerk dat inmiddels zowat de de brandname voor chocoladedranken geworden is en dat hij in deze context even C. zal noemen.
De Nederlandse marketing manager van C. had zo zijn mening over ‘de reclame’. Die vond hij weliswaar nodig, maar ze moest vooral niet teveel praatjes verkopen. En dat onderstreepte hij regelmatig met een welgemeend ‘Geen gelul, zuiver spul!’
Een lijn die Sloganman wel eens ten behoeve van het eigen gelijk aanwendt. Waarbij hij altijd een beetje hinkt op twee gedachten. Net als de aan Spul verslaafde kijker.





dinsdag 8 december 2015

Sloganman, Spulman




Zit de sport massaal aan het spul? Sloganman is geneigd om daar met een enthousiast ‘zeker weten!” op te antwoorden. Want op onze eigenste Canvas wordt het spul in de gelijknamige documentairereeks bijzonder gul rondgedeeld.

Spul. Sloganman vindt het een interessant begrip. Het is kort, krachtig en draait er allerminst omheen. Het is alvast sterker, straffer, stimulerender dan doping. Doping heeft iets softs. Iets waarbij je niet meteen aan snelheid, kracht en uithoudingsvermogen denkt. Het klinkt bedrieglijk, ongepast, fout. Een Facebook woordje.
Spul in zijn ultieme betekenis is iets waarvoor je op het Dark Web moet zijn. Onnaspeurbaar. En van een uitstekende kwaliteit.

Merckx zat ooit aan het spul. Carl Lewis was een spulman. Een ex-topzwemmer-wiens
-naam-we-hier-niet-noemen hapte gretig in het spul. En ook voetballers en paralympiërs blijken er wel pap van te lusten.

Sloganman kan zich moeiteloos in de magnetische kracht van het spul terugvinden.
Zelf is hij een fervente rode wijnliefhebber. Toch ook een beetje, nu ja, spul. Hij is een al even toegewijde koffiedrinker. Eveneens alom geaccepteerd, flink gepromoot en in gastronomische kringen zeer gewaardeerd spul. En ooit zat hij tot over z’n oren in de tabak. Spul dat je flink inhaleerde en weer uitblies, de pure, onschuldige huislucht in.

Heden ten dage fietst Sloganman. Op een zogeheten citybike. Waarmee hij dagelijks zo’n 25 kilometer aflegt. In goed één uur. Dat kan beter. Dat moét beter. Spul, iemand?