
Zit de sport
massaal aan het spul? Sloganman is geneigd om daar met een enthousiast ‘zeker
weten!” op te antwoorden. Want op onze eigenste Canvas wordt het spul in de
gelijknamige documentairereeks bijzonder gul rondgedeeld.
Spul. Sloganman
vindt het een interessant begrip. Het is kort, krachtig en draait er allerminst
omheen. Het is alvast sterker, straffer, stimulerender dan doping. Doping heeft iets
softs. Iets waarbij je niet meteen aan snelheid, kracht en uithoudingsvermogen
denkt. Het klinkt bedrieglijk, ongepast, fout. Een Facebook woordje.
Spul in zijn
ultieme betekenis is iets waarvoor je op het Dark Web moet zijn. Onnaspeurbaar.
En van een uitstekende kwaliteit.
Merckx zat ooit
aan het spul. Carl Lewis was een spulman. Een ex-topzwemmer-wiens
-naam-we-hier-niet-noemen
hapte gretig in het spul. En ook voetballers en paralympiërs blijken er wel pap
van te lusten.
Sloganman kan
zich moeiteloos in de magnetische kracht van het spul terugvinden.
Zelf is hij een fervente
rode wijnliefhebber. Toch ook een beetje, nu ja, spul. Hij is een al even
toegewijde koffiedrinker. Eveneens alom geaccepteerd, flink gepromoot en in
gastronomische kringen zeer gewaardeerd spul. En ooit zat hij tot over z’n oren
in de tabak. Spul dat je flink inhaleerde en weer uitblies, de pure, onschuldige
huislucht in.
Heden ten dage
fietst Sloganman. Op een zogeheten citybike. Waarmee hij dagelijks zo’n 25
kilometer aflegt. In goed één uur. Dat kan beter. Dat moét beter. Spul, iemand?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten