Gent stond in lichterlaaie zondagavond.
Daar zat de kerstmarkt voor iets tussen. Maar ook na het doven van de glühwein
blijft deze stad haar gloeiende zelf.
Nergens worden historische gevels zo mooi
en respectvol in beeld gebracht op donkere winterdagen. Nergens zou een
afschakeling zoveel immateriële schade aanrichten. Nergens heeft het licht zoveel
recht op bestaan als in de neuzenstad.
Sloganman zag, hoorde, rook, voelde en
proefde alleen maar levenslust. De jeuk van de jeugd. De cuberdons en
cuberdonnas, gulzig grazend op de Graslei. De geintse burgerij, op wandel door de eigen geschiedenis. De smartphone-
en tablettoeristen, focussend op zichzelf aan de rand van het water en in het
schijnsel van de kerken.
Ik zie het licht
is niet de beste song van de man die er
veel te vroeg stierf, nu alweer elf dagen geleden.
In een stoel nog wel. De ultieme angst van
het podiumdier. De ultieme wens van ieder ander soort mens.
Toen hij afgeschakeld werd, zorgde dit dan
niet heel even, één milliseconde, voor een dipje in het Gentse stroomnet? Al
die energie die opeens uitvalt, wegvalt?
Eén minuut zou pas mooi geweest zijn. Eén
minuut duisternis. In ruil voor 52 jaar gratis stroomvoorziening.
Gent, zoveel stad
vindt Soganman een veel te magere claim
voor zoveel stad.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten